Stop, but wait, I’ll go tumblring

Beste lezers (als jullie er nog zijn),

 

Stop Wait GoAl enige tijd lukt het me niet een blog eruit te krijgen. Ik kom er niet toe, heb geen inspiratie of geen onderwerpen. Het gebeurde ook dat ik wel iets had, maar tegen de tijd dat ik eraan toe kwam te schrijven, was het onderwerp alweer niet meer actueel. Op de een of andere manier voel ik me bij een WordPress blog verplicht een heel artikel te schrijven, en dat is voor nu teveel voor me.

Dit heeft me ertoe doen besluiten deze blog (in elk geval voorlopig) te sluiten. Hij blijft bestaan, maar ik schrijf hier geen blogs meer. Wie weet activeer ik hem in de toekomst weer.

Dus lieve lezers, bedankt voor het lezen van mijn blogjes hier de afgelopen jaren. Het was me een genoegen.

 

Maar… Het is geen definitief afscheid. Ik heb namelijk een pagina geopend op Tumblr. Ik kom namelijk geregeld leuke of mooie citaten tegen, of filmpjes, liedjes, etc, die ik onder de aandacht wil brengen. Het format van Tumblr leent zich daar heel goed voor. Dus als je me toch wilt blijven volgen, ga dan naar http://stoepie.tumblr.com/.

 

Ik zou het heel leuk vinden je daar weer tegen te komen. Tot Tumblrs!

 

Advertenties

Ook Crossroads is niet mis!

Een flinke tijd geleden schreef mijn katholieke vriend Rob (@instantypo voor Twitterintimi) een bijna poëtische blogpost over de mis. (http://www.familyland.be/home/communie-in-c-majeur.html.)

Iets minder lang geleden twitterde hij: “Ik zou wel eens een blogpost van @stoepie willen lezen over zijn spirituele beleving van een zondagsviering bij een nieuwe kerk als Xrds …” Ik beloofde dat te doen. Nu kom ik door middel van deze blogpost mijn belofte inlossen. Ik beschrijf een gewone zondagmorgen dienst in Crossroads.

Over een rustige A9 dalen we op zondagmorgen af naar Amstelveen, op weg naar een kerkdienst van “onze” evangelische gemeente, Crossroads, een jonge, kleurrijke, internationale kerk.
Net als vele andere evangelische gemeentes houden we onze zondagsdiensten in een middelbare school. Bij binnenkomst in de school staan de ketels met koffie en thee al klaar. Ik schenk het heerlijke bruine goud in mijn warmhoudmok. We worden gestimuleerd onze eigen beker of mok mee te nemen om op die manier aan het milieu te denken. Ik vind het een goed idee, met als bijkomend voordeel dat mijn koffie nog wat langer warm blijft ook! Een win-win situatie. Met de mok in mijn hand loop ik richting de aula waar ik welkom geheten wordt door een ander gemeentelid. Ik krijg een papiertje met daarop de mededelingen van deze week en loop door.

De aula voelt aan als een uitvergrote huiskamer, met stoelen in een vierkant rondom een klein podium dat lager staat dan de meeste stoelen. Hierdoor heb ik niet het idee in een enorme zaal te zitten. Als de band speelt, staan de muzikanten naar elkaar toegekeerd, waardoor niet het idee ontstaat van een voorstelling, zoals in zoveel andere gemeentes waar de muzikanten op het podium staan en iedereen ernaar kijkt. Hier ontstaat het gevoel van mensen die ons meenemen, en voor ons uitgaan, zoals David voor de ark en de rest van het volk uitliep bij het binnenhalen van de ark.

Deze zomer is het thema van de samenkomsten “Mythbusters”, naar het populaire Discovery tv-programma. Kort voor we beginnen wordt een fragment van het programma getoond.
Aan het begin van de samenkomst komt 1 van de voorgangers op het podium en kondigt de ambassadeur van Rwanda aan. Zij vertelt kort over haar land, waar zo’n gruwelijke burgeroorlog heeft geheerst. Maar God heeft geweldig ingegrepen in Rwanda. De rust is weergekeerd, de Hutu’s en de Tutsi’s leven weer in vrede naast elkaar. Na de burgeroorlog liepen de kerken weer vol en de economie groeit enorm. Volgens de ambassadeur is dit allemaal Gods werk en we worden uitgenodigd na de dienst naar een andere ruimte te komen, waar zij verder zal vertellen over Rwanda.
Dan worden zendelingen uit Spanje, die te gast zijn voorgesteld. Zij hebben een stand in de hal en willen ook graag vertellen over wat zij meemaken in Spanje.

De band begint te spelen. We zingen:

“In the name of the Father
In the name of the Son
In the name of the Spirit
Lord we’ve come

We’re gathered together
To lift up Your name
To call on our savior
To fall on Your grace”.

We richten onze aandacht op God. Een ander lied wordt ingezet “Holy is the Lord God almighty”. We zingen over de grootheid van onze God.

Dan worden de kinderen naar voren geroepen. Normaal gesproken is er een “Family moment” waarin op een creatieve manier aan de kinderen wordt uitgelegd wat het thema is van de kerkdienst, maar vanwege de vakantie periode wordt alleen een gebed uitgesproken. Daarna gaan de kinderen naar hun eigen groepen.

Terwijl de kinderen weggaan, zingen we het lied “My hope is in you Lord, all the day long”.
Als de klanken uitsterven, doven de lampen in de zaal en worden de spots gericht op een zitje. Er zitten 2 mensen. Eén blijkt een gast te zijn die bijna nooit in de kerk komt, de ander een gemeentelid.  De gast komt nooit in de kerk, omdat in de naam van God veel misbruik wordt gemaakt van dieren. De kerk vindt hij hypocriet, want er wordt verkondigd dat God liefde is, maar tegelijk staan in de Bijbel veel regels voor en verhalen over het offeren van dieren. Zijn gesprekspartner wijst hem er vriendelijk op dat hij zelf leren schoenen draagt…..

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De spreker komt op het podium. Het onderwerp van vandaag is “The church is full of hypocrites”.  Hij laat zien dat Jezus zich in Zijn dagen hier al tegen keerde. Het is dus zeker niet de bedoeling, maar helaas gebeurt het wel dat we in kerken ook hypocrisie zien. Maar de kerk laat ook zien dat ze een plek is die ondersteunt, herstelt en uitnodigt. En als het gebeurt dat wij als christenen in strijd met onze overtuigingen handelen of op een andere manier hypocriet zijn, dan mogen we altijd bij God komen, ons bekeren en opnieuw beginnen.

De band speelt een lied, terwijl de gemeente de tijd krijgt te reflecteren over de preek aan de hand van een aantal bijbelteksten.

Met elkaar danken we God in het volgende lied voor Zijn liefde en genade en dat er niemand is zoals Hij.

Na dit lied volgt een kort gebed en een collecte terwijl een instrumentaal lied opstaat en sheets met mededelingen en activiteiten langskomen.

We herhalen het  lied “My hope is in you Lord, all the day long” en vervolgen met het lied “Lord, reign in me”, een gebed dat wij ook de komende week in alles God mogen dienen.

Met een afsluitend gebed wordt de dienst beëindigd. We mogen weer ergens over nadenken en dankbaar de week in gaan.

Verhaal achter een verhaal

Ik mag wel zeggen dat ik een wielerliefhebber ben, en dan vooral van de Tour de France. Normaal gesproken ben ik bereid de tv te delen met mijn gezinsleden, maar 3 weken van het jaar is de tv exclusief van mij. Tegenwoordig is het trouwens iets makkelijker om een compromis te sluiten, omdat de Tour ook via de iPad te volgen is. Maar daar gaat dit verhaal eigenlijk helemaal niet over.

Vanmiddag heb ik weer zitten genieten van een prachtige rit vol aanvalsdrift, snelheid, drama, en heroïek. Het was fantastisch om naar te kijken. In dit soort ritten worden helden geboren. Een renner die de halve rit vooraan rijdt, voorbestemd lijkt om te winnen, en vervolgens weggereden wordt (want zo kan je dat toch wel noemen) door een jonge hond, de 22-jarige Thibaut Pinot.

Wat opviel toen Pinot naar de finish reed, was dat zijn ploegleider Marc Madiot als een uitzinnige aan het juichen was. Tijdens het (naar mijn mening) doorgaans doodsaaie commentaar van de heren Dijkstra en Ducrot) hoorde ik plotseling een interessant gegeven. Marc Madiot (zelf overigens ooit een niet-onverdienstelijk wielrenner), heeft een hele mooie filosofie als ploegleider. Hij pikt jonge, talentvolle wielrenners op en leert ze de kneepjes van het vak. Zo heeft hij deze Pinot ook gescout, en als 19-jarige in zijn ploeg opgenomen, een leeftijd waarvan gezegd wordt dat het te jong is om prof te zijn. Maar Madiot zag het talent in Pinot en vond dat hij het wel aan zou kunnen. Vandaag betaalde Pinot zijn leermeester terug. En Madiot was uitzinnig, omdat zijn aanpak in succes resulteerde. Heel mooi om te zien was ook het enthousiasme en de emoties waarmee Pinot door zijn ploegmakkers gefeliciteerd werd. Een enkeling hield het niet droog.

Image

Het zette me aan het denken. Hier zaten mooie lessen in. Wat doen wij zelf aan het op sleeptouw nemen van anderen, en vooral jongeren? Hoe stellen we ons op, in ons werk, in de kerk, in onze omgeving, in ons gezin?

Zelf moest ik in eerste instantie bekennen dat ik daar momenteel niets aan doe. Deels is dat te wijten aan omstandigheden. Bijvoorbeeld pas van baan veranderd, en daarmee ook bij een nieuwe klant, waarbij weinig gelegenheid is voor “op sleeptouw nemen”. In mijn kerk ben ik LifeGroup leider, dus daarin neem ik wel mensen op sleeptouw, al heb ik niet het gevoel dat ik, zoals vroeger met jeugd, ik er een hoop “in kan stoppen”. Dat heeft er meer mee te maken dat we allemaal al langer op weg zijn met God, en in dit verband zie ik op sleeptouw nemen meer als mensen “wegwijs” maken.

Verder heb ik natuurlijk mijn gezin. Drie jonge gasten die ik op sleeptouw neem om het leven te leren kennen. Ik geloof dat ik mijn mening iets moet bijstellen. Ik doe het wel degelijk! En dat is een zware, uitdagende, maar ook hele mooie en soms ronduit fantastische taak.

Maar dan komt toch die twijfel weer om de hoek. Doe ik er genoeg aan om ze het leven te leren? Laat ik ze genoeg zien van God? Hmm, ik heb nog veel om over na te denken.

Saved by the Bell (8) – Even better than the real thing

Na een heerlijke vakantie (zie de vorige blog), is het tijd geworden de serie over Love Wins af te ronden. In hoofdstuk 7 staat het verhaal centraal dat bij ons bekend is als het verhaal van de verloren Zoon. Rob Bell belicht dit verhaal van vele kanten. Het verhaal van de jongste (de verloren zoon) is het verhaal van schaamte, het gevoel hebben niet waardig te zijn. Zijn vader vertelt een ander verhaal, van verzoening en verlossing. De zoon moet kiezen welke versie van het verhaal hij accepteert, zijn versie of die van zijn vader.
Ook de oudere broer heeft zijn eigen versie van het verhaal. In die versie heeft hij zich jarenlang uitgesloofd voor zijn vader, als een slaaf en heeft hij er niet eens een geitebokje voor terug gekregen. Letterlijk het minste dat hij zou kunnen krijgen. Het beeld dat hij van zijn vader heeft, is dat van een vrekkerige slavendrijver.

De vader op zijn beurt, vertelt weer een heel ander verhaal. Die zegt: “Mijn jongen, jij bent altijd bij me, en alles wat van mij is, is van jou.” (Lucas 15:31 NBV). Een totaal ander verhaal. Ook de oudste zoon moet kiezen welk verhaal hij kiest.
Dan maakt Bell de verbinding met hemel en hel. De oudste zoon is op het feest, maar maakt er geen deel van uit. Volgens Bell is dat een goeie beschrijving van hemel en hel, want de hel “is onze weigering te vertrouwen op Gods her-vertelling van ons verhaal.” (vertaling van mijzelf). Hier raakt Bell mij wel een beetje kwijt. Aan de ene kant zegt hij heel treffend dat het evangelie onze versie van ons levensverhaal confronteert met Gods versie. Heel mooi gevonden en heel mooi omschreven. Vaak kunnen we maar moeilijk Gods kant van het verhaal zien, zien dat Hij altijd van ons gehouden heeft en ons altijd opwacht of dat alles wat van God is ook van ons is. Ook al ben ik al jaren christen, toch is het nog steeds moeilijk te snappen soms.
Maar Bells  omschrijving van de hel vind ik te vaag, ik kan er niks mee. Voor mij is de hel iets wat gebeurt als je dood bent, en niet iets dat hier al plaatsvindt.
Dan is er de verbinding naar het verhaal dat verteld wordt over God. God zond Zijn Zoon naar de wereld om die te redden en als wij dat accepteren en geloven in Jezus, is het voor ons mogelijk een relatie te hebben met God. Maar, en dat is heel belangrijk in Bells betoog, dan moeten wel Jezus “op de juiste manier aanvaarden”, wordt vaak gezegd. Zoniet, dan verandert God van de liefdevolle Vader uit ons verhaal in een liefdeloos monster. Met andere woorden, wat al eerder aan de orde is gekomen: het is minder belangrijk hoe we bij God komen dan het feit dat we bij God komen.
Wat heel belangrijk is in het vervolg van het hoofdstuk is, dat Rob Bell zegt dat het afwijzen van Gods liefde gevolgen heeft. “To reject God’s grace, to turn from God’s love, to resist God’s telling, will lead to misery. It is a form of punishmemt, all on its own.” Een andere sleutelzin is deze:  “We do ourselves great harm  when we confuse the very essence of God, which is love, with the very real consequences of rejecting and resisting that love, which creates what we call hell. Hier lijkt Bell te suggereren dat een objectieve hel niet bestaat, maar dat wij zelf onze eigen hel creeeren, wat dat ook mag betekenen.
Dan een punt waarin Bell wat mij betreft de balans beter had mogen leggen. Hij geeft aan dat wij vrij zijn om Gods liefde af te wijzen en even later dat God geen verlangen heeft om iemand pijn en ellende te bezorgen. En dat klopt, maar wat mij betreft had hij hier toch ook mogen vermelden dat God rechtvaardig is en een hekel heeft aan zonde en dat dat ook te maken heeft met het afwijzen van Gods liefde.
De titel van het hoofdstuk kan als volgt verklaard worden: Bell maakt de tegenstelling tussen de uitleg van het evangelie als een “toegangskaartje tot de hemel” en de uitleg dat we met God mee mogen werken in deze wereld. Het evangelie is beter dan alleen het toegangskaartje. Hier raakt Bell een heel belangrijk punt. Het evangelie is inderdaad meer dan het toegangskaartje. We mogen Gods versie van ons verhaal gaan zien, hoe moeilijk dat soms ook kan zijn. Deze zin is heel mooi: “Let’s be very clear, then: we do not need to be rescued from God. God is the one who rescues us from death, sin, and destruction. God is the rescuer.” Ik zou zeggen: Amen to that! Dit is het beeld dat we te vaak verspreiden. Dan wordt God de boeman waar Jezus ons van redt. Ik merk dat het bij mezelf ook nog we eens lastig is om het goede beeld van God te hebben. God is de Vader die ons met open armen staat op te wachten, maar tegelijkertijd kan God ook niet tegen onrecht en zonde. Het is dus heel belangrijk welk beeld van God we zelf hebben en verspreiden.

Kamperen, leuk?!

Na twee dagen terug te zijn van vakantie is het even tijd de balans op te maken. Want wat is er nou eigenlijk leuk aan kamperen?

We (en dan vooral Mattanja) zijn dagen bezig geweest met de voorbereidingen. We moesten midden in de nacht opstaan, en zaten meer dan 10 uur in de auto. Aangekomen op de camping zijn we de rest van de dag bezig geweest met opzetten van de tent, resultaat: gruwelijke pijn in mijn rug en pijn in mijn benen en handen, o ja, en nog natgeregend ook. De volgende dag nog de laatste dingen inrichten. Om te plassen, douchen en andere sanitaire behoeftes moet je een stuk lopen. Afwassen moet in een hok een eind van je tent af. Als het regent, zit je in een beperkte ruimte met z’n vijven. En dan het opruimen. Gelukkig gaat het sneller dan inpakken, en opzetten, maar het resultaat is hetzelfde: gesloopt, en weer pijn in rug, armen en benen. En dan moet je ook nog 10 uur terug rijden, om vervolgens midden in de nacht aan te komen.

Dus eigenlijk is de conclusie: kamperen is niet leuk!

Maar…… is dat echt wel zo? Is kamperen echt zo vreselijk? Kijk naar de plaatjes hieronder, en vorm je eigen oordeel.

Overigens hoef je voor het zien van deze schoonheden niet te kamperen. Hiermee ondergraaf ik weer lekker mijn eigen verhaal ;-). Maar genoten hebben we in elk geval wel :-)!

Update: Gezien enkele reacties hier en op twitter blijkt dat ik nog wat aan mijn schrijfstijl moet schaven. Maar dat is 1 van de redenen om te gaan bloggen, om beter te gaan schrijven. Dus daarom maar even ter verklaring: Ik heb een heerlijke vakantie gehad! Echt geweldig genoten. Het heerlijke van kamperen is dat je buiten bent, op de een of andere manier ga je (of in elk geval ik) sneller naar buiten als je in een tent zit. Je zit midden in de natuur, en het is een stuk goedkoper dan een vakantiehuis huren, waardoor je langer op vakantie kunt. Daarbij is de ruimte in onze vouwwagen een stuk groter dan de gemiddelde stacaravan. Oftewel: kamperen is leuk!

Saved by the Bell (7) – Rocking Robin

Het is weer tijd om de serie over Love Wins op te pakken. Vandaag een nieuwe post, over hoofdstuk 6: “There are rocks everywhere”.

Tijdens het lezen van het boek en het schrijven van de blogposts valt me op dat ik steeds nadenk over of ik het eens ben met wat Rob Bell zegt. Past dit wel binnen mijn religieuze belevingswereld, bij hoe ik geloof dat de wereld in elkaar zit? Op zich is daar niets mis mee, behalve als ik veroordelende gevoelens krijg en mijzelf vragen stel over de christelijkheid van de schrijver. Ik wil proberen in de resterende posts over Love Wins, naast het geven van een beschrijving, aan te geven wat me raakt in het boek, en waarom, zonder daar per sé gelijk  een waarde oordeel aan te geven. Geen idee of het me lukt, maar ach, als je het niet probeert……

Om gelijk maar met de deur in huis te vallen: ik werd positief geraakt door dit hoofdstuk. Rob Bell schrijft hele mooie dingen. Laat me uitleggen wat ik mooi vind. De titel van het hoofdstuk verwijst naar het verhaal over Mozes in Exodus 17. Het volk Israel heeft dorst en klaagt bij Mozes. God zegt tegen Mozes dat hij met een stok op een rots moet slaan en belooft dat er dan water uit zal komen. En zo gebeurt. Dan citeert Bell Paulus in 1 Korinthe 10: ” En ze aten allemaal hetzelfde geestelijke voedsel 4 en dronken allemaal dezelfde geestelijke drank. Ze dronken uit de geestelijke rots die hen volgde – en die rots was Christus. ” (NBV). Volgens Bell is er een energie in de wereld, die door de hele schepping heen klopt (als een hart dat klopt), de schepping onderhoudt, en ervoor zorgt dat het intact blijft. Veel tradities noemen het een onpersoonlijke kracht, maar Bell laat zien dat het in de Bijbel juist een persoon is: het Woord van God werd een mens van vlees en bloed (Zie ook Joh. 1:14: Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond, vol van goedheid en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. (NBV)).

Dit is een mysterie. De vraag is: geloven we alleen wat we kunnen zien en begrijpen of geloven we dat er “meer” is?

Het punt dat Bell wil maken in dit hoofdstuk is dat alles draait om Jezus en dat wij als christenen Jezus teveel in een hokje hebben gestopt. Jezus openbaart zich op allerlei manieren en er is niet 1 “Stappenplan” dat kan maken dat iemand bij Jezus kan gaan horen. Dit deed me denken aan verhalen die ik wel eens gelezen heb over moslims die in een droom Jezus zagen, zonder dat iemand hen verteld had over Hem. Wij zijn inderdaad teveel geneigd Hem in een hokje te stoppen. We willen structuur, zwart-wit denken en een stappenplan, zodat we zeker weten of iemand “behouden” is. De vraag is of dat altijd wel zo zwart-wit te stellen is. Ik denk dat we nog verbaasd zullen staan wat voor mensen we tegen zullen komen in de hemel.

Centraal punt in dit hoofdstuk is pag. 155, 2e alinea. Bell praat over wat de betekenis is van de woorden van Jezus dat Hij de weg, de waarheid en het leven is en dat niemand tot de Vader komt dan door Hem. Deze woorden zijn op verschillende manieren te benaderen, van heel exclusief (iedereen die niet op de gedefinieerde manier gelooft, hoort er niet bij), tot heel inclusief (als je hart maar goed is). Ik citeer: “And then there is an exclusivity on the other side of inclusivity. This kind insists that Jesus is the way, but holds tightly to the assumption that the all-embracing, saving love of this particular Jesus the Christ will of course include all sorts of unexpected people from across the cultural spectrum.” Hier geeft hij dus aan dat hij gelooft dat de liefde van Jezus zo groot is dat er meer mensen “bij horen” dan wij voor mogelijk kunnen houden. Let op dat Bell hier niet zegt dat iedereen uiteindelijk bij God komt!

Belangrijk is ook pag. 158: “People come to Jesus in all sorts of ways. Sometimes people bump into Jesus, they trip on the mystery, they stumble past the word, they drink from the rock, without knowing what or who it was. This happened in the Exodus, and it happens today. The last thing we should do is discourage or disregard an honest, authentic encounter with the living Christ. He is the rock, and there is water for the thirsty there, werever there is”.

Er zijn dus vele manieren waarop mensen bij Jezus komen. Niet, zoals sommige groepen doen, maar 1. Bell wil voorkomen dat groepen mensen Jezus claimen voor zichzelf. Niemand heeft het alleen recht op Hem. Het is niet een vereiste in een kerkdienst je hand op te steken en na een uitnodiging naar voren te komen, zodat er met je gebeden kan worden. Wat een heerlijke vrijheid, “There are rocks everywhere!” God wil graag dat alle mensen bij Hem komen, en Jezus is daarin het centrale punt, de Weg, de Waarheid en het Leven.

Ik heb genoten van dit hoofdstuk!

De foto heb ik zelf genomen bij Tauranga in Nieuw-Zeeland. Copyright voorbehouden.